QR-codes maken DPP's mogelijk in de bouw
Op vrijdag 19 juni bracht projectpartner VITO een bezoek aan Codipack, een internationale specialist in codeer-, etiketteer- en markeersystemen. Dit bezoek vormde de aftrap van een gezamenlijke testcampagne om de huidige technologieën te evalueren en de meest geschikte methode te bepalen voor het aanbrengen van markeringen voor digitale productpaspoorten (DPP’s) op Circular-C-producten. Deze samenwerking is een belangrijke stap richting de introductie van DPP’s in de bouwsector en helpt bedrijven zich voor te bereiden op de Europese Verordening 2024/3110, die op 8 januari 2026 in werking is getreden en de verplichtingen rond digitale productpaspoorten geleidelijk zal invoeren.
DPP-markering als schakel tussen product en productpaspoort
Een DPP-markering creëert een onveranderlijke koppeling tussen een fysiek product en het digitaal opgeslagen productpaspoort. Hoewel er verschillende soorten markeringen bestaan met voldoende datacapaciteit om een GS1 Digital Link – een gestandaardiseerde methode voor productidentificatie – te coderen, zijn slechts enkele daarvan breed ingeburgerd. Van de gestandaardiseerde opties, zoals QR-codes, Data Matrix, RFID en NFC, kunnen alleen QR-codes en NFC-tags door vrijwel elk apparaat met een camera worden gescand. Deze brede toegankelijkheid is essentieel om ervoor te zorgen dat alle betrokken partijen gedurende de volledige levenscyclus van een product toegang hebben tot de informatie in het productpaspoort.
Waarom kiezen voor een QR-code?
Het belangrijkste verschil tussen QR-codes en NFC ligt in de scanafstand. QR-codes worden optisch gescand en kunnen vanop enige afstand worden gelezen, terwijl NFC vereist dat het leesapparaat zich vlak bij de tag bevindt. Vanuit praktisch oogpunt bieden QR-codes daardoor een gebruiksvriendelijkere oplossing. Om die reden richten VITO en Codipack zich op QR-codes als voorkeursformaat voor DPP-markeringen.
Ontwerpvereisten voor een robuuste QR-code
Verschillende ontwerpkeuzes beïnvloeden de grootte en robuustheid van een QR-code.
Datacapaciteit
Voor Circular-C-producten moet de markering informatie bevatten waarmee de productbatch kan worden geïdentificeerd. Een unieke identificatie van elk individueel product is niet nodig, omdat de samenstelling en materiaaleigenschappen binnen eenzelfde batch identiek zijn.
Mogelijke markeertechnieken
Zodra de specificaties van de QR-code zijn vastgelegd, volgt de keuze van een geschikte druk- of markeertechniek. Momenteel worden drie mogelijkheden onderzocht:
- Lasermarkering brandt de code rechtstreeks in het oppervlak van het product. Deze methode heeft de kleinste materiaalimpact, maar levert een beperkter contrast met de ondergrond op, waardoor de leesbaarheid op bepaalde materialen kan afnemen.
- Zelfklevende etiketten bieden het hoogste kleurcontrast en de beste scanprestaties. Hun duurzaamheid hangt echter af van de kwaliteit van de kleeflaag. Tijdens de proefcampagne worden onder meer biogebaseerde lijmen getest op hun weerstand tegen uv-straling, lage temperaturen en hoge temperaturen.
- Inkjetprinten brengt inkt aan op het productoppervlak. Deze techniek biedt een beter contrast dan lasermarkering en is doorgaans beter bestand tegen slijtage dan zelfklevende etiketten.
Praktijktesten binnen Circular-C
De komende maanden zullen VITO en Codipack waardevolle inzichten verzamelen over hoe deze technologieën kunnen worden afgestemd op de specifieke eisen van bouwproducten. Daarmee zet Circular-C opnieuw een belangrijke stap richting de praktische implementatie van digitale productpaspoorten in de bouwsector.
Ontdek Circular-C
Lees meer over het project en hoe Circular-C werkt aan een circulaire toekomst voor de bouwsector.